Pasen

Mijn zusje en ik zoeken eieren tussen de tulpen. Ik gun haar het plezier en help haar dragen. Geverfde eieren, chocolade eieren. Ze vindt er steeds meer.

Met Pasen is alles nieuw. Ik mag mijn nieuwe zomerjas aan. Tussen het gras staan nieuwe bloemetjes. En aan de bomen komen kleine, nieuwe blaadjes Zelfs de lucht is nieuw: ze ruikt vers.

Ook Jezus was nieuw met Pasen. Eerst was hij dood. En toen weer levend. Ik vind dat moeilijk te begrijpen. ‘Je ziet toch dat het klopt’, zegt papa. ‘Zoveel mensen zijn nog altijd met Jezus bezig.’ Dat is waar. Zo iemand als Jezus, Dat houdt niet zomaar op bij de dood. Gods liefde is sterker dan de dood. God, als wij ooit doodgaan, Laat je ons dan ook niet vallen? Dat is fijn.

(uit: ‘Hoor je wat ik zeg?’ Nieuwe kindergebeden, uitgeverij Kok)